Kat verhuist naar het huis van haar overleden oom, een plek vol rammelende harnassen en opgezette dieren. Daar vindt ze een saaie grijze kiezel, stopt hem in haar zak en vergeet hem weer. Dan beginnen de vreemde dingen: een uitvinder in de boom en een man die gitaar speelt op het graf van haar oom. Voor een eerste boek is dit bijzonder sterk, de Griffeljury gaf er meteen zilver voor. Kinderen die Lampje of Krekel verslonden, kunnen hier zo mee verder. Kijk voortaan beter naar steentjes.